Integriteit

Integriteit kan het vertrouwen in de overheid maken of breken. Het is dus vanzelfsprekend dat ambtenaren, bestuurders, Statenleden en ministers een integer gedrag dienen te vertonen. Om te zorgen dat ambtenaren hun werk integer kunnen doen zijn er integriteitsregels ontwikkeld. Integriteitsregels geven voorschriften of richtlijnen voor ambtenaren en hun gedragingen. De integriteitsregels geven aan waaraan een ambtenaar zich heeft te houden en welk gedrag (niet) acceptabel is. Integriteitsregels kunnen ook betrekking hebben op specifieke procedurele voorschriften die tot doel hebben de integriteit te bevorderen.

Strafwettelijke regels

De zwaarste integriteitsregels voor de overheid waaronder de Algemene Rekenkamer, zijn neergelegd in het Wetboek van Strafrecht van Aruba. Belangrijke bepalingen die in het wetboek te vinden zijn betreffen:

  • de schending van geheimen ( Tweede boek; Titel XVII;artikel 285);
  • de ambtsmisdrijven (Tweede boek; Titel XXVII; artikelen 373-394)
  • de ambtsovertredingen (Derde Boek; Titel VIII; artikelen 484-492a).

In dit wetboek zijn onder meer bepaalde vormen van fraude, corruptie, misbruik van gezag en belangenverstrengeling strafbaar gesteld.

Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht

Het Secretariaat van de Algemene Rekenkamer valt verder onder de landsverordeningen die voor de gehele overheid gelden. Voor wat betreft het onderwerp integriteit is vooral de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht (LMA; AB 1989 no. GT 37 en latere wijzigingen) van belang.

De LMA bevat onder andere de volgende bepalingen, die zijn op te vatten als integriteitsregels:

  • Verklaring omtrent goed zedelijk gedrag bij indiensttreding (artikel 63);
  • Periodieke verhogingen in relatie tot disciplinaire straffen (artikel 19);
  • Eed of belofte (artikel 46);
  • Plicht  zich te gedragen zoals een goed ambtenaar  betaamt (artikel 47);
  • Ontzegging van toegang tot gebouwen of werk (artikel 48);
  • Handhaving voor werktijden (artikel 49, lid 1-3);
  • Alcoholverbod (artikel 49, lid 4);
  • Nevenarbeid (artikel 55);
  • Belangenvermenging (artikel 56, 57 en 57a);
  • Gebruik van overheidsgoederen (artikel 58);
  • Aannemen giften (artikel 59-61);
  • Geheimhouding (artikel 62);
  • Vergoeding kosten dienstreizen (artikel 73);
  • Klachtenregeling (artikel 78);
  • Disciplinaire straffen (artikel 82-86);
  • Schorsing en ontslag (artikel 87).

In het handboek van de Directie Personeel en Organisatie (DPO) van 27 juli 2007 zijn de integriteitsregels verder uitgewerkt en voorzien van procedurebeschrijvingen. Hoofdstuk 1 van dit handboek gaat in op de disciplinaire zaken en hoofdstuk 14 op de overige rechten en plichten, waarbij een belangrijk deel van de hiervoor genoemde integriteitsregels aan de orde komt.